CGK Katwijk

Christelijke Gereformeerde Kerk te Katwijk aan Zee

Meditatie

Wonderlijke terughoudendheid bij het Paasfeest

...En de andere discipel liep vooruit, sneller dan Petrus. Johannes 20:4m

Dat zijn we eigenlijk helemaal niet van Petrus gewend. Hij is toch, zoals we hem kennen vanuit Gods Woord, de man die graag het voortouw neemt. Over het algemeen is hij steeds de eerste. Voordat een ander een woord zegt of iets doet, heeft Petrus al gesproken of de leiding in handen genomen. Zo was het in de delen van Cesarea Filippi toen de belijdenis uit zijn mond te horen was: "Gij zijt de Christus, de Zoon van de levende God...en later: "Heere, tot Wien zullen wij heengaan? Gij hebt de woorden des eeuwigen levens." Denk eens aan zijn houding bij de voetwassing en op het meer van Gennesareth, in de paaszaal, in Getsemane. Maar...nu is het opeens anders. Nu opeens maakt zich een wonderlijke teruhoudendheid van Petrus meester. Maria Magdalena was hen komen meedelen dat zij het graf van Jezus leeg aangetroffen had. Op die mededeling hadden Petrus en Johannes zich direct richting de hof van Jozef van Arimathea begeven. Wat zal er door hen zijn heengegaan? Wat moeten zij toch denken van die wondere mededeling? Zou het dan toch gebeurd zijn? Eerst lopen ze met z'n tweeen en gaan gelijk op. Maar...naarmate zij de plaats van het graf naderen is het alsof Petrus zijn pas inhoudt. Petrus...hij vertraagt wat. En intussen loopt Johannes door en is dus Petrus voor. Het zal duidelijk zijn dat hier meer achterzit. Nee, we kunnen dit niet afdoen met de conclusie: een kan er nu eenmaal de eerste en de snelste zijn. Onder normale omstandigheden zou Petrus er alles aan gedaan hebben om zo snel mogelijk zich te vergewissen van het gebeurde. Maar wat is er veel gebeurd. Hij heeft zijn Meester verloochend. Hij heeft met eedzwering bevestigd dat hij Hem niet kende. Toen had de Heere de haan doen kraaien en werd Petrus indachtig de ernstige waarschuwing. De Heere had Zich omgekeerd en Petrus aangezien. O, die liefdeblik had hem totaal verbroken. Toen kon hij het daar niet langer uithouden en was naar buiten gegaan, waar hij bittere tranen had geweend. En nu...zou hij Jezus weer ontmoeten? Durft hij dan wel door te lopen? Zou hij niet beter kunnen wegvluchten? Wel, zo is het begrijpelijk dat hij nu zo terughoudend is en dat Johannes sneller dan Petrus grafwaarts gaat.

Maar...stel nu eens dat Petrus hier weer de eerste was geweest? Stel nu eens dat hij zonder enige terughoudendheid naar het graf was gegaan. Zouden we dan niet de conclusie hebben moeten trekken dat die bittere tranen wel heel snel opgedroogd waren. Dan had hij kennelijk zijn geweten weer wat gesust. Daarom is het voor ons een goed teken dat die spontane Petrus nu wat achterblijft, nu zijn hoofd wat buigt en zijn stap vertraagt. Nu merken we uit dit al les dat zondekennis geen kwestie is van een zwaarmoedig karakter. Maar zondekennis wordt door Gods Geest geleerd in een weg van ontdekking. Al speelt het karakter hierin heus wel mee, maar zwaarmoedige en blijmoedige karakters, terughoudende en spontane mensen, allen moeten we door Gods Geest leren kennen onze zonde en schuld.

Daarom mag het voor ons allen wel de vraag zijn: weten we hier iets van? Is er in ons bidden en toegaan tot de troon der genade ook iets van die beschroomdheid en terughoudendheid? Of...is er een koesteren van de zonde? Een verbergen van de zonde? Klaagt het u niet aan als u Hem verloochend hebt op uw werk of in uw contacten met anderen? Terwijl u 's avonds uw knieen buigt en een zegen vraagt over uw werk en

bewaring voor de nacht? Er zijn mensen, die heel makkelijk een dubbel leven leiden. Het ene moment zondigen ze bewust en het andere moment vouwen ze eerbiedig hun handen voor gebed. Ook zijn er die zes dagen in de wereld leven en op zondag weer even vroom naar de kerk gaan. Dat laatste is natuurlijk helemaal niet verkeerd maar het kan niet met het eerste in overeenstemming zijn. Want in de kerk zult u horen dat u al de dagen van uw leven van uw boze werken moet rusten en de Heere door Zijn Geest in u laten werken en dat alzo de eeuwige sabbath in uw leven zal aanvangen. Wat dacht u overigens...zou niet menige prediker het wel eens naar zichzelf toekrijgen onder het preken? Jij, die het anderen zo goed kan voorhouden...wie ben je zelf geweest tegenover de Heere? Misschien was het anders...u bent het niet eens met Gods doen, u bent met wrevelige gedachten vervuld tegen Zijn beleid. Er leeft opstand in uw ziel tegen Zijn leiding. U klaagt misschien al een tijd over gebrek aan zegen onder het Woord. Het doet u niets. U bleef daarom maar weg? Ook Asaf en David merkten dat het haperde tussen God en him ziel. Denk eens aan de woorden uit Psalm 32: Toen ik zweeg werden mijn beenderen verouderd in mijn brullen de ganse dag. Uw hand was dag en nacht zwaar op mij. Mijn sap werd veranderd in zomerdroogten.

Wat is het erg als we ons neerleggen bij de zonde. Van nature leven we over de zonde heen en klaagt die ons niet aan bij God. Zo zijn er veel mensen, die het verstandelijk wel weten dat het niet goed ligt, maar ze weigeren zich te bekeren. Er komt geen breuk met de zonde en de wereld. Ze willen geen zondaar voor God worden. Er is niets gevaarlijker dan dat. Dan zoeken we verstrooiing en afleiding. Dan bagatelliseren we de zonden en vergoelijken die. Dan kunnen we ook kerkelijk nog wel de schijn ophouden. Ga daar toch niet mee door. Smeek de Heere om een geopend geweten, om ontdekking, om onrust en bekommerdheid over uw schuld. Dek de zonde niet langer toe. Leef er niet overheen. Wordt eeiiijk tegenover God. In de gelijkenis van de Farizeeer en de tollenaar wordt ons getekend in de tollenaar de ware boetvaardigheid, die ieder die zondaar wordt voor God, zal kenmerken. Wie in beschroomdheid en zelfaanklacht over zonde , schuld en onwaardigheid de ogen eigenlijk niet durft opslaan, mag uit deze geschiedenis leren dat Petrus wel achteraan kwam, niet meer voorop liep, maar...toch ook niet wegliep. Hij kwam toch ook bij het graf. De Heere trok hem. Daarom kon hij het in de stad niet uithouden, maar moest hij toch naar die plaats, waar de Heere was. En Jezus is hem verschenen. De Heere had het opgedragen: zegt Zijn discipelen en...Petrus (Markus 16:7a) Maar dan klinkt het heerlijk: "Hij is van Simon gezien." aan de voeten van de goede Herder is de band der verzoening gelegd.

Pasen zegt ons: Hij leeft. De Op gestane wacht op zulken. Hij ziet naar hen uit. Ook naar u en naar jou. Belijd voor Hem uw schuld zo zal uw schroom en terughoudendheid veranderd kunnen worden in paasblijdschap en paasvrede. Ja, dan wordt het: "Gij hebt mijn weeklacht en geschrei...veranderd in een blijde rei."

 

Ds. A. van Heteren