Geloof en twijfel

3 september 2026 Ds. John Owen (22 februari 1674)

En als zij Hem zagen, baden zij Hem aan, doch sommigen twijfelden.

Mattheüs 28:17

Onze Heere heeft een ruim hart en een milde hand. Hij heeft aan Zijn tafel voor onze ziel een
overvloed bereid. In Zijn Woord zegt Hij door Zijn Geest: Eet, vrienden, drinkt, en wordt dronken.
Drie soorten gelovigen
Er zijn drie soorten zondaars tot wie ik een woord zou willen zeggen, om hen ertoe op te wekken dat
ze in deze inzetting het geloof zullen oefenen, naardat hun staat en toestand dit vereist:
1) Er zijn mensen die niet gevoelig zijn voor hun zonden, zoals zij dat wel behoorden te zijn. Ze
weten dat ze niet gevoelig zijn. Ze kunnen niet zo ver komen dat hun hart door hun zonden
wordt geraakt, zoals ze dat wel wensen.
2) Sommigen zijn er die zó beladen, zó overbelast zijn door het besef van hun zonden, dat ze
nauwelijks in staat zijn om onder het gewicht ervan staande te blijven, onder de twijfels en
de vrezen die hen diep bedroeven.
3) En er zijn zondaars die zich daarin verblijden dat de zonden vergeven zijn. Zij verlangen
ernaar een hart te hebben om zich de vergeving daarin ten nutte te maken, dat ze dankbaar
zijn en veel vrucht dragen.
Iets van deze onderscheiden gestalten kan er in ons allen zijn. Misschien is het zo dat de ene
overheerst en de voornaamste is. Bij de een is het deze, bij de andere die. Daarom wil ik tot hen allen
afzonderlijk een paar woorden zeggen.
Ongevoeligheid
Er zijn zondaars, die gelovigen zijn, die niet zo ver kunnen komen dat de zonde hun hart en hun geest
niet zo raakt als het wel zou moeten, maar dat zij dit wel wensen. Voor zover ik weet is er in het hele
Boek van God geen droeviger klacht van de Kerk dan die van Jesaja 63 vers 17: Waarom verstokt Gij
ons hart, dat wij U niet vrezen? Arme schepselen raken misschien in de war doordat ze merken dat
het hun aan een gepast besef van de schuld der zonde ontbreekt. Dan zijn ze geneigd om uit te
roepen: Waarom is het zo met mij gesteld? Waarom ben ik onder de schuld van alle zonden die ik op
mij heb geladen? Voor zulke mensen heb ik een woord om hun de weg te wijzen. Zijn er zulke
mensen onder ons? Het is een aanwijzing voor het geloof, om in deze inzetting werkzaam te zijn. Het
staat in Zacharia 12 vers 10: Zij zullen Mij aanschouwen, Dien zij doorstoken hebben, en zullen
rouwklagen.
Welnu, broeders, Christus wordt ons in deze inzetting voorgesteld zoals Hij voor ons doorstoken
werd en zoals Zijn dierbaar bloed voor ons werd uitgestort. Wij moeten, met de hulp van God, het
geloof maar in twee dingen werkzaam laten zijn.
a) Het eerste is dat het werkzaam is met het droevig lijden van Christus, zoals dat hier aan ons
wordt voorgesteld. Laten we eens kijken naar de Zoon van God onder de vloek van God.
b) Het tweede is dat heel dit lijden voor ons was: Zij zullen Hem zien, Dien zij doorstoken
hebben, en daarna treuren. De werkzaamheid van het geloof ten aanzien van Christus, als
Een Die voor ons geleden heeft, is het verheven middel in deze inzetting om ons hart er
werkelijk toe te brengen dat het over de zonde treurt. Alstublieft, laten we God smeken als
we enigermate in deze geestesgesteldheid verkeren, dat dan onze ongevoeligheid ten
aanzien van de schuld en de last der zonde onze zwaarste last moge zijn. Wij moeten in deze
inzetting de kracht van het geloof beproeven, doordat ons hart geraakt zal worden door het

lijden van Christus om onzentwil. Dat moeten we ons op het hart en het geweten binden.
Moge de Heere ons een zegen schenken.
Zondenlast
Anderen zijn er die misschien gedrukt worden onder het gewicht van hun zonden. Ze gaan treurend
voort en wandelen zonder troost. Ik weet dat het bij sommigen zo is. Ze verkeren in de situatie die de
psalmist onder woorden brengt in Psalm 40 vers 13: Kwaden tot zonder getal toe, hebben mij
omgeven, mijn ongerechtigheden hebben mij aangegrepen, dat ik niet heb kunnen zien; zij zijn
menigvuldiger dan de haren mijns hoofds, en mijn hart heeft mij verlaten. Misschien verkeren
sommigen in een situatie dat hun hart door de menigte van hun ongerechtigheden die hen in hun
greep houdt, op het punt staat te bezwijken. Welke weg zou u hun in deze inzetting wijzen?
Zeker, die aanwijzing wordt gegeven in Johannes 3 vers 14 en 15: En gelijk Mozes de slang in de
woestijn verhoogd heeft, alzo moet de Zoon des mensen verhoogd worden, opdat een iegelijk die in
Hem gelooft, niet verderve, maar het eeuwige leven hebbe. De Heere Jezus Christus wordt verhoogd,
zoals Mozes in de woestijn de slang heeft verhoogd. Hier wordt Hij verhoogd, zoals Hij al onze
zonden in Zijn eigen lichaam draagt op het hout. Hier wordt Hij voorgesteld aan arme zondaars van
wie de harten zwaar belast zijn. Hier wordt Jezus Christus aan het hout verhoogd met al onze
zonden. Laat zo’n ziel er maar naar staan zicht te krijgen op Christus, zoals Hij al onze
ongerechtigheden draagt. Als wij in Hem geloven, zullen wij niet verderven, maar het eeuwige leven
hebben. God heeft Hem aangewezen om duidelijk voor onze ogen gekruisigd te worden, opdat elke
ziel die door de zonde is gestoken en op het punt staat door de zonde te sterven, op Hem zal zien, en
genezen zal worden. De kracht zal blijven als wij op Hem zien, want door Zijn striemen is ons genezing
geworden.
Dankbaarheid
Misschien zijn er sommigen die heel tevreden leven omdat de zonden hun zijn vergeven. Ze
verlangen er vurig naar dat hun harten ertoe bewogen zullen worden om dankbaar te zijn en veel
vrucht te dragen. Denk aan de tekst Openbaring 1 vers 5 en 6: Hem, Die ons heeft liefgehad en ons
van onze zonden gewassen heeft in Zijn bloed, zij de heerlijkheid en de kracht in alle eeuwigheid.
Denk hieraan. Wat uw staat en toestand ook moge zijn, hier hebt u een geschikt voorwerp waaraan
het geloof zich kan oefenen. Laat het u niet ontbreken aan troost en bemoediging om voort te gaan.

Dagtekst

Spreuken 2:6

Want de HEERE geeft wijsheid; uit Zijn mond komt kennis en verstand.

ANBI | © 2024 CGK Katwijk. Alle rechten voorbehouden.